Fin’s Principle: waarom DevOps‑teams structureel tekortschieten in kwaliteit

Fin’s Principle: waarom DevOps‑teams structureel tekortschieten in kwaliteit

Kwaliteit in software is altijd een lastig onderwerp geweest. Misschien is dat precies waarom ik het testvak zo leuk vind: het is complex, menselijk, technisch, soms frustrerend, maar altijd betekenisvol. Toch merk ik de laatste jaren, zeker sinds de opkomst van DevOps, dat kwaliteit niet alleen een uitdaging is, maar steeds vaker een structureel probleem wordt.

In veel DevOps‑teams zie ik test engineers worstelen om echt onderdeel te worden van het team. Soms komt dat door technische vaardigheden die nog ontbreken, maar ook vaak zit het in iets anders: communicatie, analytisch vermogen, het durven stellen van lastige vragen, of de nieuwsgierigheid om te begrijpen wat je product waardevol maakt. Vaardigheden die essentieel zijn om grip te krijgen op de kwaliteit in een multidisciplinair team.

Maar dat is niet wat mij het meest frustreert. Wat mij raakt, is dat juist de testers die dit wél kunnen, de vakmensen en kwaliteitsdragers, het vak verlaten of uit de teams stappen.

De stille leegloop van testvakmanschap

Als ik terugkijk op mijn eerste jaren als tester, zie ik een groep gedreven collega’s die mij inspireerden, uitdaagden en vormden. Mensen die testability ademen, risico’s zien voordat anderen ze voelen, en die met één vraag een heel team scherper maken.

Van die groep werken er vandaag de dag nog maar een paar in Agile of DevOps‑teams. De rest is gepromoveerd: manager, architect, platform‑specialist.

Voor die mensen persoonlijk is dat fantastisch. Maar voor de teams die afhankelijk zijn van vakmanschap is het een probleem.

Want zolang we een hiërarchisch systeem hanteren waarin je carrière maakt door uit het team te verdwijnen, zal DevOps nooit volledig werken. DevOps draait om autonome teams die zelf kwaliteit kunnen borgen. Maar als we alle goede testers en QA‑experts wegpromoveren naar systeemteams, platformteams of managementlagen, blijven DevOps‑teams afhankelijk van externe vangnetten om hun werk goed te kunnen doen.

En afhankelijkheid is precies wat DevOps probeert te doorbreken.

Fin’s Principle

Hier ontstaat het mechanisme dat ik Fin’s Principle noem:

Zolang organisaties hiërarchische QA‑rollen hoger waarderen dan testvakmanschap in DevOps‑teams, verdwijnt kwaliteit uit de teams. De beste testers worden weggepromoveerd, waardoor teams nooit structureel volwassen worden in kwaliteit.

Dit is geen incident. Dit is een systeemreactie.

Hoe het systeem zichzelf saboteert

  • Vakmensen worden weggepromoveerd
  • Teams verliezen hun kwaliteitsdragers
  • QA‑vangnetten blijven bestaan
  • Teams durven niet autonoom te releasen

Het resultaat: teams die nooit leren, nooit groeien en nooit echt zelfstandig worden.

Waarom ervaren testers zo belangrijk zijn

Ervaren testers schrijven niet alleen tests. Ze vergroten de testbaarheid van software, maken risico’s zichtbaar, verbeteren observability en helpen ontwikkelaars betere ontwerpkeuzes maken. Ze brengen rust, overzicht en scherpte in een team dat veel tegelijk moet dragen.

Die kennis hoort thuis in autonome teams die met vertrouwen samenwerken aan een release.

Hoe je Fin’s Principle herkent

  • Testautomatisering blijft hangen op UI‑niveau
  • End‑to‑end testen is de standaard
  • Observability en testability ontbreken in ontwerp
  • Teams durven niet autonoom te releasen
  • Kwaliteit wordt gezien als iets wat QA doet

Dit zijn geen teamproblemen. Dit zijn systeemproblemen.

Een andere manier van organiseren

Wat als DevOps‑teams niet de plek zijn waar testers starten, maar juist de plek waar je naartoe groeit?

Wat als vakmanschap niet wordt weggepromoveerd, maar geconcentreerd waar het het meest nodig is?

Stel je een systeem voor waarin:

  • Overkoepelende QA‑rollen faciliterend zijn
  • Teams de bron van expertise zijn
  • Testers toewerken naar DevOps‑teams
  • DevOps wordt gezien als vakmanschap

In zo’n model blijft expertise waar het hoort: bij de mensen die de producten bouwen en de waarde leveren.

Mijn droom

Mijn droom is dat DevOps‑teams de plaatsen worden waar je naartoe promoveert. Dat je moet bewijzen dat je het aankan om onderdeel te zijn van het team dat de diensten van de organisatie draagt.

En dat ik over tien jaar een belletje krijg dat ik de techniek niet meer kan bijbenen, en een stap terug moet doen naar een overkoepelende functie, omdat de DevOps‑teams mij niet hard meer nodig hebben.

Bedankt

Tot slot wil ik de mensen bedanken die ondanks mogelijke promoties en hogere uurtarieven toch in de DevOps‑teams zijn gebleven.

Jullie dragen het vak. Jullie houden de kwaliteit levend. Jullie maken het verschil.

Hou vol, en bedankt.

Vond je dit artikel interessant? Deel het op social media!